Welkom op cgk-nunspeet.nl
» Home » Meditatie
» Meditatie
Meditatie

0000-00-00 - B. de Graaf (21-2-2012)

Opvallend hoe rustig de Heere Jezus Zich over-geeft. Hij wórdt niet gevangen genomen, maar Hij láát Zich gevangen nemen. Hij is het die hier de touwtjes in handen heeft. Hij laat zich ook niet provoceren door het feit dat Judas voorop loopt. Naar de mens gesproken zou je dan ‘des duivels’ worden en agressief reageren. Dat had de duivel wel gewild, maar Hij doet dat niet. Het gaat niet om zijn eigen eer, maar om de verlos-sing van allen die in Hem geloven.

Vs.4 zegt: "Jezus dan, wetende alles wat over Hem komen zou, ging uit en zei tot hen: Wie zoekt gij?" Hij geeft zich dus over bij zijn volle verstand. Het is geen onbezonnen daad van een idealist. Hij is zich bewust van de zware weg die nu voor hem ligt. Daarom gaat Hij Zelf naar vo-ren. En wanneer ze zeggen dat ze Jezus zoeken, zegt Hij rustig ‘Ik ben het’.

Bijzondere woorden. Die had de Heere nu zo graag gehoord in het paradijs na de zondeval. Maar Adam en Eva konden ze maar niet over de lippen krijgen. De Heere zoekt de gevallen mens liefdevol op. "Adam, mens, waar ben je?" In het paradijs klinkt het niet: ‘ik ben het’. Nee, Adam geeft de schuld aan Eva en Eva op haar beurt aan de slang. In de hof van Eden klinkt niet ‘Ik ben het’. Alleen afschuiven van de schuld.

Ook David kwam dat woord niet zomaar over de lippen. Hij bedekte zijn zonden. Op alle mogelijke manieren probeerde hij zijn misdaden te verbergen. Tenslotte stuurde de Heere de pro-feet Nathan, die hem profetisch verkondigde: "Gij zijt die man". (2 Sam.12:7) Is het zo ook niet met mij? Ik begin er niet mee om schuld te belijden. Nee, ik bedek die liever, net als David. Ik schuif liever de schuld af, net als Adam en Eva. En het is genade als ik het leer meezeggen: ik ben het, Heere.

Hier belijdt de Heere Jezus, staande in mijn plaats, de zonde, ja mijn zonde. Hij neemt de schuld op Zich en gaat lijden en sterven. En wie dat nu geestelijk verstaat en betrekking op Hem krijgt, gaat die het niet leren nazeggen: ‘ik ben het’? Wanneer David door de Heere op zijn plaats is gebracht horen we in Ps. 51 de belijde-nis op gang komen: "Ik heb gedaan wat kwaad was in uw oog". Dat wordt het wachtwoord van de ware gelovigen. Want hoe kan ik door Hem worden verlost, als ik niet leer zeggen: ‘ik ben het’.

Tegelijk klinkt hier ook Zijn macht door. Heeft de Heere Jezus niet vaak Zijn macht ge-toond met deze woorden ben: Ik ben het licht der wereld, het brood des levens etc. In dit "Ik ben" vat Hij al die voorafgaande uitspraken sa-men. Het is veel meer dan woorden van overga-ve. Het is een proclamatie, een prediking voor allen die daar staan: wanneer u het nog niet weet of nog niet gelooft: Ik ben echt de Verlos-ser. Een aanbod van genade voor ieder die daar staat.

Huiveringwekkend zijn de slotwoorden van vs.5 "En Judas die Hem verried, stond ook bij hen". Je voelt de spanning. Judas hoorde dat machtswoord ook. Een laatste prediking voor hem. Een laatste aanbod van genade!

"En Judas die Hem verried, stond ook bij hen". Wij staan er via dit woord ook bij. Hoe? Als een soldaat, die er altijd al ver van af stond? Als een discipel die sneller is met vluchten dan met geloven? Of als een Judas, die de Heere Jezus al heeft afgeschreven? In deze lijdenstijd zegt Hij het nog, ook tegen mij, wie ik ook ben: ‘Ik ben het’ – ook voor u en jou.

Dit vraagt om een antwoord. Ik kan niet neutraal blijven en zeggen: ik ben niet helemaal vóór Je-zus, maar ook niet helemaal tégen Hem. Judas legt deze woorden naast zich neer en kiest voor het oordeel. Een vreselijke weg. Ga niet de weg van Judas. Geef een ander antwoord door de kracht van de Heilige Geest. Dan gaat voor u en jou in deze lijdenstijd het Licht op. B.de G


© Copyright cgknunspeet.nl 2005 - 2012. Alle rechten voorbehouden.